De karperluis, Argulus, behoort ook tot het geslacht van de schaaldieren. Het mannetje en het vrouwtje zijn
allebei parasieten die zich op het lichaam en de kieuwen van de koi vastzetten. De karperluis kan tot 10 mm lang
worden en heeft een duidelijke ronde vorm met twee schotelvormige zuignappen die aan de onderkant uitsteken. De
zuignappen zijn hard; ze bestaan uit een stof die sterk lijkt op het huidpantser van insecten. Met de zuignappen
kan de karperluis zich vastzetten op het lichaam van de koi en over de slijmlaag van de vis heen glijden.
Karperluizen zijn uitstekende zwemmers; wanneer ze van een koi worden afgeveegd, blijven ze gewoon rondzwemmen
totdat ze weer een vis tegenkomen.
Tussen de zuignappen bevinden zich naaldvormige delen van de mond waarmee de
karperluis de huid van de koi binnendringt. Klieren produceren een vergif dat door de holle "naalden" stroomt;
de luis breekt door een zaagbeweging van de mond het aangetaste weefsel open. Op de plaats waar een karperluis
heeft gezeten, vormt zich een opvallende rode plek op het lichaam van de koi.
Het is niet verwonderlijk dat de
huid van de koi behoorlijk geïrriteerd kan raken door de aanwezigheid van karperluizen. Bij koi zijn symptomen
merkbaar die lijken op die van een infectie van eencellige parasieten, dat wil zeggen: de koi gaan zich schuren
en gaan uit het water springen. Besmette koi verliezen soms ook gewicht, omdat ze afgeleid worden door de
karperluizen. Als de vis niet behandeld wordt, zal dit leiden tot een groeiachterstand. De verwondingen veroorzaken
weer een secundaire infectie van bacteriën of schimmels. Als de kieuwen besmet, kunnen de verwondingen zeer ernstig
zijn en kan de vis in ademnood komen. Binnen een populatie van vissen kunnen karperluizen ook ziekten van de ene vis
op de andere overbrengen, zoals parasitaire protozoa, verschillende bacteriële infecties en lenteviraemia bij karpers.
De term "kieuwwormen" heeft betrekking op de volwassen vrouwtjes van de parasitaire schaaldierensoort Ergasilus,
die duidelijk worm- achtige witte eierzakken heeft.
Opmerkelijk is dat de mannetjes niet parasitair en al vrij snel
na het paren sterven. De vrouwtjes komen voor op het lichaam, de vinnen en vooral op de kieuwen van de besmette
vissen. Het eerste paar benen verandert in grijporganen, met haakvormige uitsteeksels waarmee de parasieten zich
aan de kieuwplaatjes kunnen vastgrijpen en van het weefsel kunnen eten. Heftige infecties kunnen leiden tot zware
verwondingen doordat de kieuwplaatjes worden aangetast, waarbij zich dan vaak ook nog een secundaire infectie van
bacteriën en schimmels voordoet. Deze parasiet komt niet veel voor bij koi, maar het is desondanks raadzaam om
nieuwe vissen erop te controleren, omdat de parasiet alleen via besmette vissen in de vijver terecht kan komen.
Behandeling: zie Producten: Medicijnen; Lernex, Malachit, Malachite Green, Formalin, Formaldehyde,
F.M.G.Mix.
|